Inspectierapport
Indeling van scholen in drie categorieën
In september 2008 is het inspectierapport over het rekenonderwijs verschenen. De inspectie heeft de scholen vergeleken op basis van de resultaten op de Cito-eindtoets rekenen. Daarbij zijn de scholen ingedeeld in 7 groepen, op basis van het aantal leerlingen met een extra gewicht.
Binnen elke groep zijn drie categorieën gemaakt: de rekenzwakke scholen (23%), de gemiddelde scholen (50%) en de rekensterke scholen (27%).
Onterechte aandacht media
In de media is veel aandacht voor die 23%. Dat is volstrekt onterecht: hoe goed de resultaten op scholen ook zijn, je kunt altijd een zwakste groep aanwijzen. Het omgekeerde geldt natuurlijk ook: hoe slecht de resultaten ook zijn, er is altijd een sterkste groep. Het gaat hier om puur relatieve vergelijking. Globaal kun je zeggen dat de scholen op basis van hun prestaties in drie groepen zijn verdeeld: de middengroep is ca 50%, de onder- en de bovengroep zijn ieder ongeveer 25%.
Kwaliteit van het onderwijs
De inspectie heeft op scholen periodieke kwaliteitsonderzoeken gedaan (PKO’s). Daarin zijn lessen geobserveerd en is met veel betrokkenen gesproken. Op basis daarvan worden scholen gescoord op een hele lijst kwaliteitscriteria.
Vervolgens heeft de inspectie de kwaliteitsbeoordeling van rekenzwakke scholen vergeleken met die van rekensterke scholen. Daar blijken duidelijke verschillen uit te komen. Zoals de inspectie zegt: ‘Op rekensterke scholen is het onderwijsproces opvallend vaak van betere kwaliteit dan op rekenzwakke scholen. Het onderwijsproces is door de school te beïnvloeden. Hier ligt dus zowel de oorzaak als de mogelijkheid tot verbetering door de school.’
Oorzaken voor slechtere resultaten
Concreet is geconstateerd dat rekenzwakke scholen minder goed scoren dan rekensterke scholen op de volgende criteria, waarmee de inspectie de kwaliteit van het gehele onderwijs beoordeelt:
- jaarlijkse evaluatie van de resultaten van de leerlingen
- het borgen van de kwaliteit van het leren en onderwijzen
- het aanbieden van de lesstof tot en met het niveau van groep 8
- het realiseren van een taakgerichte werksfeer
- duidelijk uitleggen
- onderwijzen van strategieën in leren en denken
- planmatige uitvoering van de zorg
- nagaan van de effecten van de zorg
Andere conclusies:
- Rekensterke scholen besteden meer tijd aan rekenen.
- Regionaal: er zijn in Friesland, Groningen, Drenthe en Flevoland relatief veel rekenzwakke scholen en in Noord-Brabant en Limburg relatief veel rekensterke scholen.
- NB Er is géén relatie met: schoolgrootte, kenmerken van het team (leeftijd, geslacht) en denominatie.