Praktisch jaarprogramma en afwisselende werkvormen
Kinderen en leerkrachten werken heel prettig met De leessleutel. De methode heeft een jaarprogramma met prettige uitloopruimte, een vaste lesopbouw én uitdagende werkvormen voor de kinderen.
Jaarprogramma met ruimte
De leessleutel heeft 16 thema’s. Elk thema duurt 2 weken. Na 4 thema’s volgt steeds een parkeerweek. Zo is er voldoende uitloopruimte en daardoor zekerheid dat alle thema’s en leerstof aan het eind van groep 3 zijn behandeld.
Makkelijke vaste lesopbouw
De leessleutel heeft twee typen lessen: een lees-taalles en een leesles. Beide lessen hebben dezelfde opbouw. Dit is herkenbaar voor de kinderen en makkelijk voor de leerkracht.
Uitdagende werkvormen voor meer plezier én resultaat
Het leesplezier van het kind staat centraal in De leessleutel. Daarom heeft de methode diverse werkvormen die het leesplezier bevorderen. Dat heeft een heel positief effect op de resultaten. U kunt zelf kiezen hoe en wanneer u de werkvormen inzet.
De werkvormen in De leessleutel
Werken in hoeken
- Kinderen kiezen zelf een activiteit. Voor elk van de 16 thema’s in De leessleutel zijn praktische ideeën voor hoeken uitgewerkt.
Coöperatief leren
- Kinderen leren op een natuurlijke manier veel van elkaar. Bijvoorbeeld bij het vriendjeslezen lezen de kinderen samen in groepjes en maken ze opdrachten.
Interactief leren
- De leessleutel stimuleert het interactief leren. Bijvoorbeeld bij het interactief voorlezen van de prentenboeken.
Vaste werkvormen
- De leessleutel maakt gebruik van steeds terugkerende werkvormen: de routines. Ze worden geleidelijk geïntroduceerd zodat de kinderen ermee vertrouwd raken.
Winkelwagen